Lerend kwalificeren & modularisering
Ik kom op veel scholen om te adviseren over het vergroten van de flexibiliteit van het onderwijs. Dit kan bijvoorbeeld door middel van leereenheden (ook wel modules genoemd). Steeds vaker in mijn werk kom ik lerend kwalificeren tegen als manier van afsluiten. Maar hoe gaan lerend kwalificeren en flexibel modulair onderwijs samen? In dit artikel geef ik antwoord op veelgestelde vragen over lerend kwalificeren, flexibilisering en modularisering, en onderzoeken we hoe deze ontwikkelingen zich tot elkaar verhouden. Kunnen ze elkaar versterken, en zo ja: hoe werkt dat in de praktijk?
Wat is flexibiliseren door modularisering?
Modularisering is een manier om het onderwijs op te bouwen op basis van afgebakende leereenheden (modules), die leiden naar het behalen van leeruitkomsten. Hoe flexibel het onderwijs wordt ingericht, hangt af van de mate van keuzevrijheid die een organisatie biedt. Let op: modularisering moet altijd haalbaar, uitvoerbaar, betaalbaar, organiseerbaar, werkbaar en studeerbaar (HUBOWS) blijven.
Wat is een leereenheid (module)?
Een leereenheid is een afgebakende module (van tijd, inhoud) waarin een student werkt aan één of meerdere leeruitkomsten. Hoe dit precies is ingericht, kan verschillen per opleiding of team:
Daarnaast kunnen leeruitkomsten concentrisch terugkomen:

Wat is lerend kwalificeren?
Lerend kwalificeren is een manier van afsluiten en beoordelen waarbij leren en kwalificeren met elkaar verbonden blijven. Het uitgangspunt is dat beoordelen niet alleen een eindmoment is, maar een integraal onderdeel vormt van het leerproces zelf. In plaats van losse, beslissende toetsen vindt bij lerend kwalificeren de verantwoording plaats op basis van een veelheid aan bewijzen
We willen flexibel modulair onderwijs combineren met lerend kwalificeren? Kan dit? Moet dat?
Ja, flexibel modulair onderwijs en lerend kwalificeren kunnen samengaan, maar het vraagt wel om doordachte ontwerpkeuzes.
Als je in het kader van flexibilisering binnen een flexibel leertraject modules wilt ‘afronden’, moeten deze robuust (groot/stevig) genoeg zijn om een uitspraak te kunnen doen over het aantonen van de leeruitkomsten. Modules moeten dan voldoende rijk zijn om relevante bewijzen te genereren. Dat betekent dat een module voldoende diepgang, variatie in opdrachten en ruimte voor het tonen van prestaties moet bieden. Dit kan via een concentrische opbouw binnen de module.
Een andere ontwerpkeuze is om een concentrische opbouw toe te passen tussen modules. Dan werkt de student in verschillende modules aan dezelfde leeruitkomst. Hierbij geldt dan wel expliciet: de module wordt niet op (eind)niveau afgesloten, een bewijs hoef je immers niet te halen. De moduleopbrengsten gelden in dit geval (mogelijk) als inbreng bij het beslisportfolio ‘aan het eind’. Belangrijk is om als team terug te gaan naar jullie onderwijsvisie en te bedenken: Waarom en met welk doel willen jullie flexibiliseren? En waarom willen jullie lerend kwalificeren? Past de combinatie bij jullie visie op onderwijs en afsluiting?
Het is niet zo dat flexibiliseren en lerend kwalificeren per definitie samen gaan; het hoort niet onlosmakelijk bij elkaar. Een combinatie is mogelijk, en daar moeten jullie dan als team over nadenken en het ontwerp goed uitwerken. Een alternatieve ontwerpkeuze kan ook zijn om te werken met modules en formatief handelen.
Wanneer is een leereenheid robuust genoeg?
Om lerend kwalificeren te ondersteunen, is het belangrijk te kijken naar de opbouw van het onderwijsprogramma: is dit lineair, concentrisch of modulair ingericht? Binnen lerend kwalificeren draait het niet om losse beoordelingen, maar om het patroon dat zichtbaar wordt door de verzamelde bewijzen over een langere periode. Een longitudinale beoordeling moet daarom voldoende tijd bieden om zowel een representatieve hoeveelheid bewijzen als meerdere beoordelingsperspectieven te verzamelen. Wanneer de modules robuust genoeg zijn, kan er gewerkt worden met lerend kwalificeren binnen een flexibel modulair programma. Het gaat dus om een longitudinale beoordeling. Maar wat is robuust genoeg? In ieder geval moet een module of een reeks modules zo lang zijn dat kerntaken en werkprocessen herhaaldelijk terugkomen en studenten telkens de mogelijkheid hebben om feedback te verwerken.

Wat als studenten opleidingoverstijgend leereenheden volgen? Hoe past dat binnen lerend kwalificeren?
Dat is afhankelijk van de inhoud van de leereenheid, de kwaliteit van het bewijs dat die leereenheid oplevert, de verhouding van het bewijs tot de ruggengraat, de context van het bewijs en de eisen aan bewijzen en de beoordelaarsperspectieven van de opleiding die lerend kwalificeren als onderwijs- en afsluitingsconcept heeft.
Als je generieke modules (zoals ‘gesprekken voeren’) gebruikt binnen lerend kwalificeren, moeten opdrachten en bewijslast voldoende ruggengraat-gebonden zijn (en daarmee dus contextgebonden). Alleen dan kun je als opleiding verantwoorden dat het bewijs valide en betrouwbaar is voor diplomering.
Dit en nog veel meer vragen over lerend kwalificeren worden beantwoord in de Lerend Kwalificeren Tool. Klaar om aan de slag te gaan? De Lerend Kwalificeren Tool is nu beschikbaar. Bestel hem direct.

