Resultaten landelijke Monitor FlexScan mbo schooljaar 2020-2021

Resultaten landelijke Monitor FlexScan
Resultaten landelijke Monitor FlexScan

31 augustus 2021

Jaarlijks presenteert CINOP de landelijke Monitor FlexScan. Dit is een overzicht van opvallende trends en ontwikkelingen in de ideeën en wensen van studenten en docenten in het mbo en hbo op flexibel onderwijs, gemeten met de FlexScan[1]. Inmiddels hebben meer dan 3400 mensen de FlexScan ingevuld; dit jaar weer bijna 1000 respondenten. Wat zijn de opvallendste bevindingen dit schooljaar? Welke trends en ontwikkelingen zien we, en waar zitten de verschillen in ambities tussen scholen, tussen doelgroepen en tussen sectoren?

Opvallend is onder andere dat docenten hun draai gevonden lijken te hebben in het vergroten van hun eigen flexibiliteit. Studenten ervaren veel flexibiliteit rondom certificaten & diploma’s, maar docenten willen meer. En de beelden van docenten en studenten over de gewenste flexibiliteit binnen het curriculum verschillen. Lees hieronder meer over de resultaten en de daaruit volgende aanbevelingen.

Waarom de jaarlijkse Monitor FlexScan?

In 2018 heeft CINOP de eerste Monitor FlexScan gepubliceerd, in opdracht van OCW. Dit leverde interessante bevindingen op. Sindsdien voert CINOP dit onderzoek jaarlijks uit. De resultaten worden na de zomervakantie gepresenteerd, zodat scholen de bevindingen direct kunnen meenemen in de opstartfase van het nieuwe schooljaar.

Flexibel onderwijs is een breed begrip waar veel mensen iets anders onder verstaan. Als de beelden over het waarom en wat van flexibel onderwijs niet op elkaar zijn afgestemd, wordt succesvolle onderwijsontwikkeling een lastige opgave. Een gedeeld referentiekader zorgt voor meer overzicht en inzicht in flexibiliseringsprocessen. Niet alleen wat er onder wordt verstaan, maar ook inzicht in de consequenties van bepaalde keuzes en minimale condities die van belang zijn om bepaalde flexibiliteit mogelijk te maken. De FlexScan is hierin een krachtig en praktijkbeproefd instrument gebleken.

FlexScan: raamwerk voor gedeelde taal en ambities

Om scholen te helpen bij het creëren van een gemeenschappelijke taal over flexibel onderwijs, heeft CINOP de FlexScan ontwikkeld, samen met de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen en het Deltion College. De grootste meerwaarde van de FlexScan is de kracht van het model, waarmee teams, docenten en studenten op een gestructureerde manier het goede gesprek voeren over het complexe thema flexibilisering. Dit raamwerk helpt bij het ontwikkelen van een gezamenlijke taal. Je gaat elkaar daardoor beter verstaan en collectieve ambities bepalen.

In de FlexScan staan vier scenario’s voor flexibel onderwijs centraal:

Figuur 1: De vier scenario’s

Flexscan

Als ik nu een flexibiliseringsvraag krijg, dan helpt het dat ik met behulp van de thema’s en scenario’s uit de FlexScan door kan vragen: wat wordt er precies bedoeld. Doordat het instrument de student journey volgt, krijg je direct ook goed in beeld welke ondersteuning nodig is om meer flexibel onderwijs mogelijk te maken.

Fenna van der Burgt, onderwijskundige en beleidsadviseur ArtEZ

Overzicht resultaten landelijke Monitor FlexScan mbo schooljaar 2020-2021

In schooljaar 2020-2021 is de FlexScan onder ongeveer 1000 respondenten uitgevoerd. Figuur 2 laat zien wat de beelden van studenten en docenten waren in het afgelopen schooljaar over de ervaren en de gewenste flexibiliteit in het onderwijs.

Afbeelding3
Figuur 2: De ervaren en gewenste flexibiliteit in schooljaar 2020-2021.

 

De beelden van studenten en docenten over de ervaren flexibiliteit in de huidige situatie verschilt het meest op het aspect toetsing & beoordeling (studenten ervaren meer flexibiliteit dan docenten). De docenten ervaren de onderwijsleeromgeving als meer flexibel dan studenten.

Doelgroep

De FlexScan is afgelopen schooljaar 9 keer uitgevoerd. De totale respons bedroeg 973, waarvan 221 studenten en 752 docenten.

Opvallende trends & ontwikkelingen

  • 1: Docenten lijken hun draai gevonden te hebben in het vergroten van hun eigen flexibiliteit

In de periode 2018-2020 zagen we steeds hogere scores op de flexibiliteit van professionals en het docententeam. Docenten schatten hun eigen flexibiliteit steeds hoger in. Zowel docenten als studenten benoemden bovendien de flexibiliteit van het docententeam als een van de meest belangrijke punten voor de gewenste situatie. Afgelopen jaar is dit beeld echter veranderd. De stijgende lijn lijkt af te vlakken. Een verklaring kan zijn dat docenten hun repertoire enorm hebben moeten uitbreiden onder invloed van COVID. Zij hebben hun eigen skills en vaardigheden uitgebreid om met de veranderingen van o.a. het afstandsonderwijs om te gaan. Dit kan een verklaring zijn voor het feit dat de FlexScan afgelopen jaar liet zien dat de ervaren flexibiliteit van de docenten dichter tegen het wensscenario aanzit dan voorheen. Docenten zijn het gat naar de eigen ambities aan het dichtlopen.

De flexibiliteit van professionals wordt nog steeds als essentieel punt gezien. Maar zowel docenten als studenten zien dit niet meer als belangrijkste ontwikkelpunt; de huidige situatie sluit al veel beter aan bij de gewenste situatie dan voorheen. Voor het eerst geven studenten en docenten aan dat verdere flexibilisering van de professionals niet de hoogste prioriteit heeft. Die ligt vooral bij het vergroten van meer flexibiliteit rondom de onderwijsleeromgeving, voorlichting en diploma’s & certificaten.

  • 2: Consistentie in percepties over de jaren heen

Afgelopen jaren is het beeld over hoe studenten en docenten aankijken tegen de flexibiliteit in het onderwijs redelijk constant gebleken. Zowel de percepties over de ervaren flexibiliteit in de huidige als gewenste situatie zijn redelijk stabiel. Het beeld dat prominent naar voren blijft komen is dat zowel studenten als docenten de huidige situatie ervaren als een standaard programma, waarin op individuele basis uitzonderingen gemaakt kunnen worden (passend bij scenario 2).

Wel zien we een opvallende verschuiving in de beelden van studenten over de gewenste flexibiliteit. In voorgaande jaren kwam duidelijk naar voren dat zij meer variatie wilden, meer keuzemogelijkheden en een groter onderwijsaanbod (scenario 3). Nu zien we echter dat de ambities van studenten iets lager liggen en zij persoonlijk maatwerk verkiezen (scenario 2) boven een groter en diverser vaststaand onderwijsaanbod. Teleurstellingen over het blended onderwijs dat zij afgelopen jaar hebben ervaren en de mate van flexibiliteit die dit daadwerkelijk biedt, kan een verklaring zijn waardoor studenten nu de voorkeur geven aan individueel maatwerk boven een grotere variatie aan keuzemogelijkheden binnen hun vaste leerroute. Het beeld onder docenten op dit punt is gelijk gebleven afgelopen jaren. Zij hebben nog steeds de ambitie om meer keuzemogelijkheden te bieden vanuit een vaststaand aanbod (scenario 3).

Het onderwijs is enorm veerkrachtig gebleken. Ondanks het feit dat er ook afgelopen jaar veel is gebeurd, blijven de percepties over de huidige- en gewenste flexibiliteit redelijk constant. Er is meer nodig dan een pandemie om te zorgen voor een eventuele paradigmashift en echt andere percepties op de ervaren en gewenste flexibiliteit in het onderwijs.

  • 3: Studenten ervaren veel flexibiliteit rondom certificaten & diploma’s, maar docenten willen meer

De toenemende aandacht voor leven lang ontwikkelen (LLO) is ook in de monitor FlexScan duidelijk zichtbaar. Waar voorgaande jaren het aspect diploma’s & certificaten standaard door studenten en docenten als een van de minst flexibele aspecten in de opleiding werd ervaren, zien we de ambities op dit punt stevig toenemen. Vooral docenten geven aan dat zij dit aspect als een van de drie belangrijkste ontwikkelpunten zien waarop zij meer flexibiliteit willen kunnen bieden.

Tegelijkertijd zien we een iets ander beeld bij de studenten. De monitor FlexScan laat zien dat dit aspect afgelopen jaar voor het eerst door studenten als een van de meest flexibele aspecten in het onderwijs wordt ervaren in de huidige situatie. Studenten ervaren nu meer dan voorgaande jaren dat er meerdere mogelijkheden zijn waarop zij een opleiding(sdeel) kunnen afronden met een diploma of certificaat. En ook zij zouden op dit punt nog meer flexibiliteit willen. Als toelichting geven studenten vaak aan dat meer flexibiliteit op dit punt hen kan helpen om zich beter te kunnen profileren op de arbeidsmarkt, ook als zij de opleiding nog niet in zijn totaliteit hebben afgerond.

  • 4: Beelden docenten en studenten over de gewenste flexibiliteit binnen het curriculum verschillen

Net als voorgaande jaren zien we dat de docenten de flexibiliteit van de onderwijsleeromgeving erg belangrijk vinden. Dit aspect scoort jaarlijks hoog in de top drie van de gewenste situatie. Voor studenten ligt dat anders. Dit jaar hebben studenten zelfs aangegeven dat zij de onderwijsleeromgeving als een van de minst flexibele aspecten zien binnen de opleiding. En dat terwijl docenten dit aspect in de top drie scoren als een van de meest flexibele aspecten binnen de opleiding.

Veel onderzoeken naar effecten van corona-onderwijs laten zien dat studenten het fysieke onderwijs erg missen. Zij vinden het vaak lastig een weg te vinden in de nieuwe blend waarin onderwijs synchroon en asynchroon wordt aangeboden. Hoe houd je overzicht waar je staat in je leerroute? En wie bewaakt dit? Deze toegenomen variatie in waar het onderwijs plaatsvindt en de blend waarin het wordt aangeboden, ervaren veel studenten niet als maatwerk. Want voor hen is er vaak alsnog niet veel te kiezen. Een belangrijk signaal om nader te onderzoeken; een signaal ook voor scholen om gezamenlijk meer grip te krijgen op wat wel en niet werkt om tot een passende onderwijsleeromgeving te komen.

Aanbevelingen

  • Nu de basisflexibiliteit van de professionals beter op orde is, kan de focus verlegd worden naar het vergroten van de flexibiliteit in de leeromgeving. Pak door op professionalisering rondom thema’s zoals curriculumontwikkeling, module-ontwikkeling, blended leren en flexibele examinering.
  • Onderzoek wat voor jouw situatie de best passende blend is voor het aanbieden van synchroon en asynchroon onderwijs. Betrek hier ook de studenten zelf bij.
  • Gebruik de (vaak reeds beschikbare) data binnen je onderwijsinstelling voor het verklaren en stimuleren van studiesucces.
  • Onderzoek de mogelijkheden om meer te doen rondom het certificeren van (delen van) de opleiding. Hiermee kun je niet alleen instroom, doorstroom en switchen tussen opleidingen optimaliseren, maar ook bijdragen aan de LLO-ambities.

Meer weten?

Bezoek onze website https://www.cinop.nl of neem contact op met Wouter Jacobs, Jeroen Kraan of Sandra Beugel (experts flexibilisering), Ronald Ferket of Bassam Hamoudeh (data-experts) via flexibilisering@cinop.nl.

Gerelateerde artikelen