Verbetering inductietraject en design thinking bij MBO Utrecht: Twee vliegen in één klap!

Bij MBO Utrecht stonden ze voor een uitdaging: een aanzienlijk aantal startende leraren, vooral die via zij-instroming binnenkwamen, verlieten de organisatie al in hun eerste jaar. Het besef groeide dat een sterk inductieprogramma – een intensief begeleidingstraject voor deze nieuwe en startende collega’s – cruciaal was om deze vroegtijdige uitstroom te voorkomen.

In reactie hierop zette MBO Utrecht zich in voor een belangrijk doel: het versterken van hun inductieprogramma. Ze wilden niet alleen de kwaliteit van dit programma verhogen, maar ook zorgen dat het aansloot bij de specifieke wensen en behoeften van de diverse groepen starters en nieuwe collega’s. Dit initiatief werd gedreven door de visie dat door betere ondersteuning en begeleiding, deze leraren niet alleen zouden blijven, maar ook zouden floreren in hun nieuwe werkomgeving.

De uitdaging van het opzetten van effectieve inductietrajecten

De inrichting van een sterk inductietraject is complex. Daar zijn geen pasklare oplossingen voor, want elke context, elke doelgroep vraagt om een andere aanpak. MBO Utrecht zocht daarom niet alleen naar interventies die het inductietraject zelf zouden versterken, maar ook naar een manier van werken die hen helpt bij het aanpakken van zulke complexe vraagstukken in de toekomst.

Samenwerken en innoveren

Onder begeleiding van CINOP is de gezamenlijke vraag gedefinieerd: Hoe kunnen we onze opleidingsteams versterken in de begeleiding van startende en nieuwe collega’s? In vier sessies zijn twee pilots ontworpen die opleidingsteams op MBO Utrecht beter toerusten in de begeleiding van hun startende en nieuwe collega’s. Deze pilots kwamen voort uit geïnventariseerde behoeften van starters en opgehaalde feedback op tussentijdse ideeën en producten. Hierbij is de werkwijze toegepast van Design Thinking; een geschikte werkwijze voor complexe vraagstukken, waarin evidence based en kort cyclisch wordt gewerkt, creativiteit wordt gestimuleerd en draagvlak wordt gecreëerd.

De ontwerpgroep bestond uit een mix van starterscoaches, een starter en een manager. Zij hebben tijdens de sessies een gezamenlijke vraag gedefinieerd, twee prototypes ontworpen én getoetst in de praktijk en twee pilots (zie hieronder bij ‘Resultaten’) ingericht. Tussen elke sessie werd feedback opgehaald bij belanghebbenden om die te benutten in het verdere ontwerp. Op deze manier is zowel tegemoetgekomen aan het inductie-vraagstuk als geoefend met Design Thinking als sterke verandermethodiek t.b.v. toekomstige complexe vraagstukken.

De resultaten

  • Twee gezamenlijk ontworpen pilots ter versterking van het inductietraject:
    -een invulling en aanpak voor een reflectief moment voor opleidingsteam en starter in een 100-dagen-gesprek;
    -een invulling en aanpak voor een begeleidingstraject op maat, waarbij de begeleiding rouleert in het opleidingsteam.
  • Gezamenlijke ambitie en draagvlak voor oplossingen: Door het ophalen van behoeften en pijn- en fijnpunten van starters t.a.v. het huidige inductietraject, werden belangrijke vraagstukken zichtbaar. Door clustering, prioritering en toetsing van vraagstukken bij belanghebbenden, ontstond draagvlak om met het uiteindelijk gekozen vraagstuk aan de slag te gaan. De kerngroep bestond uit een mix van deelnemers uit verschillende geledingen van de school die hun verschillende perspectieven verbonden t.a.v. het vraagstuk.
  • Verbinding, energie en creativiteit: De werkwijze en werkvormen daarbinnen zorgde ervoor dat er snelheid gemaakt kon worden en met energie en creativiteit aan mogelijke oplossingen te werken.
  • Wendbaarheid: Door prototypen te maken en te testen werd snel inzichtelijk wat werkt en wat niet.
  • Oplossingen die vooraf niet te bedenken zijn: Door de inzet van creatieve en originele werkvormen kwam het team tot verrassende oplossingen.
  • Zingeving: de continue toetsing in de praktijk en bij betrokkenen, houdt het waartoe en waarom scherp en maakt de (on)zin van tussentijdse opbrengsten zichtbaar.