Burgerschapsexamen in balans: toetsing en schoolbrede vorming in het mbo 

Vanaf schooljaar 2026-2027 wordt het burgerschapsexamen in het mbo verplicht. Studenten moeten dan aantonen dat ze voldoen aan de kwalificatie-eisen om hun diploma te halen. De nieuwe opzet van het examen biedt veel ruimte voor het tonen van vaardigheden zoals samenwerken, kritisch denken en maatschappelijke betrokkenheid. Als adviseur ziet Evelyne Waterschoot dit als een belangrijke kans: het examen kan zichtbaar maken wat studenten daadwerkelijk ontwikkelen, maar het kan ook een valkuil worden als toetsing losstaat van de bredere schoolbrede aanpak. 

Wat haar opvalt in gesprekken met mbo-instellingen is dat veel scholen worstelen met deze balans. Burgerschap is immers meer dan een toets of portfolio; het is een doorlopend proces dat studenten in verschillende vakken en projecten voorbereidt op hun rol als burger en beroepsbeoefenaar. Het gevaar is dat, wanneer toetsing het uitgangspunt wordt, de rijkdom van schoolbrede burgerschapsactiviteiten naar de achtergrond verdwijnt. Vanuit haar ervaring werkt een geïntegreerde aanpak het best: het examen als hulpmiddel, niet als leidend doel. In deze blog lees je meer over haar observatie en reflectie vanuit de praktijk.

Integratie is cruciaal 

In de praktijk zie ik dat instellingen die expliciet kiezen voor samenhang tussen toetsing en curriculum beter in staat zijn om betekenisvolle leerervaringen te creëren. Dat betekent dat bestaande projecten, praktijkopdrachten en reflectiemomenten bewust gekoppeld worden aan de examencriteria. Op die manier wordt het examen een verankering van de bredere schoolopdracht, in plaats van een losstaand onderdeel. 

Wat hierbij helpt, is het expliciet formuleren van visie en doelen. Als instelling kun je aangeven wat je belangrijk vindt bij burgerschap: welke vaardigheden en houdingen moeten studenten ontwikkelen, en hoe sluiten deze aan bij de examenopzet? ”Vanuit mijn adviespraktijk merk ik dat het expliciet benoemen van deze keuzes teams helpt om consistent te werken en tegelijkertijd professioneel te beoordelen wat studenten leren.

Evelyne waterschoot (1)
Two students collaborating at a library desk surrounded by bookshelves.

Reflectie vanuit de praktijk 

Wat ik regelmatig observeer, is dat scholen het examen vaak zien als een eindpunt. Ik pleit ervoor om het juist als kapstok te gebruiken: bestaande projecten en praktijkopdrachten kunnen zo ingericht worden dat ze zowel bijdragen aan de schoolbrede ontwikkeling van studenten als aan de examenopdracht. Reflectie is daarbij cruciaal: studenten laten nadenken over wat ze leren en docenten leggen vast hoe dit aansluit bij de kwalificatie-eisen.

Tot slot 

Het nieuwe burgerschapsexamen biedt mbo-instellingen een kans om vaardigheden en ontwikkeling van studenten zichtbaar te maken. De werkelijke uitdaging ligt echter in het vinden van de balans tussen toetsing en schoolbrede vorming. Vanuit mijn ervaring is het de instellingen die deze balans weten te organiseren, die laten zien dat burgerschap meer is dan een examen: het is een samenhangend, betekenisvol leerproces dat studenten voorbereidt op hun rol als burger en beroepsbeoefenaar. Toetsing kan zo een instrument zijn dat de kwaliteit van het programma versterkt, in plaats van beperkt.  

Neem voor meer informatie contact met ons op

  • Evelyne waterschoot (1)

    Evelyne Waterschoot

    Functie:Senior Adviseur

Ook interessant voor jou